Even geduld

Verbinding met onze database is verbroken. Er wordt aan gewerkt. Excuses voor het ongemak!

"
l

Industrie verwacht lagere investeringen in 2026

  • van de redactie
  • 18 June 2026

De Nederlandse industrie verwacht in 2026 ongeveer 3 procent minder te investeren dan een jaar eerder. Dat blijkt uit de voorjaarsenquête van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) onder bedrijven met tien of meer werknemers. Ondanks de verwachte daling blijft verduurzaming een belangrijke drijfveer achter investeringsbeslissingen.

De investeringen hebben betrekking op materiële activa zoals gebouwen, machines, vervoermiddelen en computers. Eerder gingen industriële ondernemers nog uit van een investeringsgroei van ruim 5 procent in 2026. De neerwaartse bijstelling lijkt samen te hangen met een voorzichtiger economisch klimaat en het uitstellen of heroverwegen van eerder geplande projecten.

Metaalindustrie verwacht sterkste terugval

De grootste daling wordt verwacht in de basismetaal- en metaalproductenindustrie. Bedrijven in deze sector voorzien een afname van 19 procent ten opzichte van 2025. Volgens het CBS speelt mee dat in 2025 juist omvangrijke investeringen zijn gedaan, waardoor het vergelijkingsniveau hoog ligt.

Ook de elektrotechnische en machine-industrie verwacht minder te investeren, met een afname van 10 procent. Verder voorzien onder meer de papier- en grafische industrie (-10 procent), de houtindustrie (-11 procent) en de transportmiddelenindustrie (-5 procent) een daling van hun investeringsuitgaven.

Meubelindustrie en chemie investeren juist meer

Niet alle industriële sectoren rekenen op een terugval. Binnen de categorie overige industrie, waarin onder andere de meubelindustrie is opgenomen, wordt een investeringsgroei van 33 procent verwacht. Ook raffinaderijen en chemische bedrijven voorzien een stijging van hun investeringen met 5 procent.

Daarnaast verwachten producenten van bouwmaterialen een beperkte groei van 2 procent. In de textiel-, kleding- en lederindustrie blijft het investeringsniveau vrijwel stabiel met een lichte daling van 1 procent.

Verduurzaming blijft belangrijke investeringsmotor

Bijna een vijfde van alle verwachte investeringen in 2026 staat in het teken van verduurzaming en energiebesparing. Industriële bedrijven reserveren ongeveer 6 procent van hun investeringsbudget voor circulair produceren, waaronder hergebruik van grondstoffen en afvalstromen.

Daarnaast wordt circa 7 procent van de investeringen ingezet voor energiebesparende maatregelen zoals isolatie, warmtepompen en zonnepanelen. Nog eens 6 procent hangt samen met het terugdringen van uitstoot. In de voedingsmiddelenindustrie ligt dat aandeel met 10 procent aanzienlijk hoger.

Ook digitalisering blijft een aandachtspunt. Gemiddeld wordt 4 procent van de verwachte investeringen besteed aan digitale toepassingen. Vooral bedrijven binnen de overige industrie verwachten relatief veel te investeren in digitalisering.

Chemische industrie grootste investeerder

Uit eerder gerealiseerde cijfers blijkt dat de raffinaderijen en chemische industrie in 2024 met 3,6 miljard euro de grootste investeerder binnen de Nederlandse industrie waren. De investeringen in deze sector lagen 1 procent hoger dan een jaar eerder.

De sterkste investeringsgroei werd in 2024 gerealiseerd door de elektrotechnische en machine-industrie, waar de uitgaven met 52 procent toenamen. Ook de transportmiddelenindustrie liet een sterke stijging zien met 26 procent meer investeringen dan in 2023.

Tegenover deze groei stonden forse dalingen in de papier- en grafische industrie (-33 procent) en de metaalindustrie (-16 procent). Over de gehele industrie genomen stegen de investeringen in 2024 met 7 procent.

Verwachtingen en werkelijkheid lopen niet altijd gelijk

Het CBS benadrukt dat investeringsverwachtingen niet altijd volledig overeenkomen met de uiteindelijke investeringen. Projecten kunnen vertraging oplopen of worden uitgesteld door factoren zoals leveringsproblemen, vergunningstrajecten of veranderende economische omstandigheden. Hierdoor kunnen de daadwerkelijke investeringscijfers uiteindelijk afwijken van de huidige verwachtingen.