Even geduld

Verbinding met onze database is verbroken. Er wordt aan gewerkt. Excuses voor het ongemak!

"
l

Afzetprijzen industrie stijgen weer na maanden van daling

  • van de redactie
  • 30 April 2026

De afzetprijzen van de Nederlandse industrie lagen in maart 2026 gemiddeld 1,4 procent hoger dan een jaar eerder. Daarmee komt een einde aan een periode van vier opeenvolgende maanden waarin de prijzen juist daalden. De stijging hangt vooral samen met oplopende olieprijzen, die onder invloed staan van de geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten.

Olieprijs belangrijke aanjager

De prijs van ruwe olie speelt traditioneel een grote rol in de prijsontwikkeling binnen de industrie. In maart kostte een vat North Sea Brent gemiddeld 84 euro, ruim 27 procent meer dan een jaar eerder. Ter vergelijking: in februari lag de prijs nog rond de 59 euro per vat, wat toen juist 18 procent lager was dan een jaar eerder. Op maandbasis betekende dit een stijging van ruim 43 procent in maart.

Vooral de aardolie-industrie liet een sterke prijsontwikkeling zien. Producten uit deze sector waren in maart 31,3 procent duurder dan een jaar eerder, terwijl in februari nog sprake was van een daling van 9,5 procent. Ook de chemische industrie, waar prijzen vaak met enige vertraging reageren op olieontwikkelingen, liet een minder sterke daling zien: min 2,0 procent in maart tegenover min 6,6 procent in februari.

Sterke maand-op-maand stijging

Ten opzichte van februari stegen de afzetprijzen in maart met 3,4 procent. Dat is de grootste maandelijkse toename sinds het begin van de oorlog in Oekraïne in 2022. Op de buitenlandse markt namen de prijzen met 4,2 procent toe, terwijl de binnenlandse markt een stijging van 2,4 procent liet zien.

Trendbreuk na langere periode van schommelingen

De recente stijging markeert een duidelijke omslag in een langere periode van fluctuerende en vaak dalende prijzen. In 2022 bereikten de prijsstijgingen nog piekniveaus van boven de 20 procent op jaarbasis. In de loop van 2023 sloeg dit om in dalingen, met percentages tot onder de min 5 procent.

Gedurende 2024 stabiliseerde het beeld enigszins, met lichte schommelingen rond de nullijn. In 2025 bleven de prijsontwikkelingen beperkt en wisselend, met zowel kleine stijgingen als dalingen. Begin 2026 zette de dalende trend nog door, met -2,5 procent in januari en -2,4 procent in februari, voordat in maart de omslag naar een plus van 1,4 procent zichtbaar werd.

Deze ontwikkeling onderstreept hoe gevoelig de industrie blijft voor externe factoren zoals grondstofprijzen en internationale spanningen.