In een wereld waar geopolitieke onrust en economische schokken elkaar in hoog tempo opvolgen, heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) een nieuw onderzoeksinitiatief gelanceerd om grip te krijgen op de gevolgen van globalisering. De aanleiding? Een reeks verstoringen in de wereldhandel zoals Brexit, de coronapandemie, stijgende inflatie en de veranderende internationale handelsstrategie van de Verenigde Staten. Het CBS speelt hierop in met betrouwbare data en analyses, met als doel beleid en samenleving beter te informeren.
Nieuwe impulsen voor een complexer speelveld
Het thema Globalisering en Waardeketens is benoemd als een van de maatschappelijke opgaven binnen het Meerjarenprogramma 2024–2028 van het CBS. Volgens programmamanager Marjolijn Jaarsma komt deze focus voort uit een duidelijke vraag vanuit overheid en maatschappij naar samenhangende en toegankelijke informatie over hoe mondiale processen Nederland beïnvloeden. “De wereld is in rap tempo complexer geworden,” stelt Jaarsma. “Dat vraagt om betere, diepgaandere statistische inzichten.”
Daarom ontwikkelt het CBS nieuwe statistieken en presenteert bestaande data in samenhang. Samen met strategische partners als De Nederlandsche Bank en de ministeries van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken is inmiddels een reeks projecten gestart die verder gaat dan de reguliere programmering.
Diepgaandere data over waardeketens
Een van de speerpunten is het uitbouwen van een langere tijdreeks aan basisdata over mondiale waardeketens. Dit moet onderzoekers in staat stellen om zowel historische trends beter te duiden als sneller te reageren op actuele gebeurtenissen. Daarnaast wordt gewerkt aan een grotere consistentie tussen statistieken, bijvoorbeeld over multinationals, om zo de vergelijkbaarheid te verbeteren en beter inzicht te krijgen in economische verwevenheden.
Scherper zicht op kwetsbaarheden
Een concreet doel van deze projecten is het in kaart brengen van kwetsbaarheden binnen nationale en internationale ketens. Actuele thema’s zoals Chinese exportbeperkingen van kritieke grondstoffen – waaronder gallium en germanium – maken duidelijk hoe sterk bepaalde sectoren afhankelijk zijn van een beperkt aantal leveranciers. “We willen kunnen aangeven welke Nederlandse bedrijfstakken afhankelijk zijn van zulke importen, waar deze vandaan komen en of de eindbestemming binnenlandse consumptie of export is,” aldus Jaarsma.
Kritieke grondstoffen onder de loep
De aandacht voor kritieke grondstoffen past binnen bredere Europese zorgen over leveringszekerheid en strategische autonomie. Grondstoffen zoals halfgeleiders, batterijen en magneten zijn cruciaal voor zowel de digitale infrastructuur als de transitie naar een klimaatneutrale economie in 2050. Het CBS werkt daarom samen met het Nederlands Materialen Observatorium, onder leiding van TNO, om beleidsmakers en bedrijven inzicht te geven in leveringsrisico’s. In september verschijnt hierover een uitgebreide publicatie met de nieuwste bevindingen.
Handel als fundament van de welvaart
Volgens Jaarsma is het belang van dit werk niet te onderschatten. “Nederland verdient een derde van zijn welvaart met de export van goederen en diensten. Elke verstoring in de wereldhandel raakt ons dus direct – economisch, maar ook in vertrouwen en concurrentiekracht.” De internationale blik is daarmee verschoven: waar economen voorheen vooral spraken over specialisatie en efficiëntie, draait het nu steeds vaker om strategische afhankelijkheden, handelsbarrières en geopolitieke risico’s.
Versterking van bestaande samenwerkingen
De nieuwe projecten vormen een aanvulling op bestaande samenwerkingen zoals het Convenant Globalisering met het ministerie van Buitenlandse Zaken. Publicaties als de Internationaliseringsmonitor en Nederland Handelsland blijven belangrijke pijlers, net als aanvullend onderzoek gefinancierd door diverse ministeries. Deze initiatieven leveren volgens Jaarsma een onmisbare bijdrage aan het begrip van hoe globalisering ons land beïnvloedt – en hoe we ons daar beter op kunnen voorbereiden.